Skip navigation

Tag Archives: overstroming

Regio – Grote delen van Zuid-Holland, Zeeland en Noord-Brabant zijn vannacht getroffen door een van de grootste overstromingsrampen uit de Nederlandse geschiedenis. Complete dorpen en steden staan onder water. Per uur loopt het dodental verder op. Volgens de laatste telling zijn er zeker 190 mensen omgekomen.

De eerste melding van de overstroming kwam vannacht uit Dordrecht. Journalist Barend Mensen berichtte over de overstroming in zijn standplaats Zwijndrecht, maar kon de centrale redactie in Den Haag moeilijk bereiken. Om 04:22 berichtte het ANP over de noodtoestand in Zwijndrecht.

Het radionieuws van 1 februari 1953

De dijken in onze regio waren niet bestand tegen het natuurgeweld; een combinatie van springvloed en een zware noordwesterstorm met de kracht van een orkaan.

Bij een tweede hoogwatergolf, in de loop van de middag, kwam het water zelfs nog een stuk hoger. Ook hierbij kwamen mensen om het leven.

Op tientallen plaatsen zijn de dijken gebroken of stroomde het water over de dijken heen. Grote delen van de Hoeksche Waard, Voorne-Putten en Goeree-Overflakkee staan onder water. Ook stukken van de Krimpenerwaard en de Alblasserwaard staan blank. Op tal van andere plekken kon dat, door hard werken van duizenden vrijwilligers, voorkomen worden. Soms maar nét.

In de rest van Zuid-Holland maakt men zich op voor de opvang van tienduizenden mensen die dakloos zijn geraakt door het watergeweld. Het gaat nu al om de grootste evacuatie uit de Nederlandse geschiedenis. Vanuit de rest van het land komt er hulp naar het rampgebied. Dekens, kleding en voedsel… het is allemaal hard nodig.

Het is voor verslaggevers bijzonder moeilijk om een geheel beeld te krijgen van de overstromingen, de slachtoffers en de schade. Ook worden ze geconfronteerd met gruwelijke verhalen en getraumatiseerde mensen.

Dit artikel gaat verder onder deze advertentie



Eiland van IJsselmonde

Duizenden mannen zijn urenlang in de weer geweest om ervoor te zorgen dat de dijk bij Ridderkerk het zou houden. Het water van de rivier De Noord lijkt bijna over de dijk te lopen. Duizenden mensen, boeren, bewoners en soldaten, zijn al urenlang bezig met zandzakken.

Een gezin met zeven kinderen dat in een huisje buitendijks woonde, is naar het dak gevlucht. Alle gezinsleden zijn verkleumd, maar veilig, naar beneden gehaald. Een dame op leeftijd raakte te water, toen het bootje omsloeg, waarmee ze naar de kant werd vervoerd. Ook zij is uiteindelijk gered.

Aan het einde van de middag was duidelijk dat de dijk het zou houden. Niet alleen bij Ridderkerk, maar ook bij Slikkerveer, Bolnes en IJsselmonde. Bij Poortugaal, Rhoon en Barendrecht liepen een paar polders wel onder water.

Alblasserwaard

Het zuidwestelijk deel van de Alblasserwaard staat onder water. Op drie plaatsen zijn dijken gebroken: bij Papendrecht, Alblasserdam en vlakbij Sliedrecht.

Bij Papendrecht ging het als eerste verkeerd. Het water kwam steeds hoger te staan en stroomde uiteindelijk over de dijk het lagergelegen land in. Daardoor kalfde in rap tempo de dijk af totdat een gat ontstond. Het water stortte letterlijk de polder in.

“Binnen enkele kwartieren was het gat vijftig meter breed en achter de dijk nog onpeilbare meters diep”

(Vrije Volk, 2-2-1953)

Door de dijkdoorbraak staat nu 5.000 hectare land onder water. Op sommige plaatsen in de polder staat het water drie meter hoog. Alleen daken en boomtoppen steken daar nog boven het water uit.

De evacuatie van het gebied gaat niet zonder problemen. Uit de Alblasserwaard komen verhalen binnen van mensen die vast komen te staan op de binnenwegen, omdat er kuddes koeien op de weg staan. Ook proberen sommige boeren zoveel mogelijk huisraad mee te nemen, maar daar blokkeren ze wel de weg mee. Verkeersopstoppingen zijn het gevolg.

Bij Alblasserdam zijn alle bewoners van het dorp samengebracht op de dijk, dat een eilandje in het water is geworden. Varkens, die uit lager gelegen boerderijen waren voortgedreven, lopen tussen de bewoners en de vrachtwagens.

Voorne-Putten

Net als in de andere gebieden in Holland en Zeeland heeft ook Voorne-Putten zwaar te lijden onder het watergeweld. Het hoge water kwam zo snel opzetten bij Oudenhoorn, dat veel families en het vee nog in de boerderijen waren. Van het dorp Abbenbroek steken alleen nog de huizen in het dorp boven het water uit.

In Zuidland zijn de bewoners naar het dorpsplein gevlucht. In de huizen rond het plein worden de mensen tijdelijk opgevangen.

“Nu en dan komt een troepje vluchtelingen naar buiten. Vrouwen met slopen en tassen, vol kleren gepropt, jongens en meisjes, enkele nog zo klein, dat ze gedragen moeten worden. Moeder slaat een deken om de baby heen; het waait nog fel en het regent.”

(Vrije Volk, 02-02-1953)

Een deel van het vee rondom Zuidland is meegenomen en staat vastgebonden aan het hek van het plantsoen. Er is nog veel onduidelijkheid over de mensen die niet op tijd uit de polder konden wegkomen. De burgemeester van Zuidland heeft een oproep gedaan aan motorsloepen om een rondje te maken langs de boerderijen in het ondergelopen gebied.

Hellevoetsluis is niet te bereiken. De wegen naar de vestingstad zijn verwoest door het water. Het water stroomt dwars door de stad heen, melden ooggetuigen. Zeker vijf mensen zouden zijn omgekomen, maar dat is nog niet door de autoriteiten bevestigd.

Vlaardingen

In Vlaardingen is vooral de industrie zwaar getroffen door de overstromingen. Alleen al de kunstmestfabriek heeft voor meer dan een miljoen gulden schade. Ook bedrijven als Sunlight, de Hollandse Pelmolen, de Magnesiet en Amarilfabrieken zijn zwaar beschadigd.

Er zijn geen gewonden in Vlaardingen. De sluis bij de Julianabrug heeft het water kunnen keren, ook al scheelde het maar weinig.

In Vlaardingen wordt wel rekening gehouden met verdere problemen. De plannen voor een evacuatie liggen klaar. Ook de geluidswagen waarmee het bericht zal worden verspreid, staat al urenlang startklaar.

Voor de zekerheid is wel een deel van een ziekenhuis ontruimd.

Maassluis

Het historische centrum van Maassluis staat ook helemaal onder water. De vloedplanken zijn niet bij machte om het hoge water tegen te houden.

Aan het Zandpad is een oudere dame om het leven gekomen, toen ze werd verrast door het hoge water. Twee gevels van een pand aan de Piersonstraat stortten in door het vloeibare geweld.

De politie is de hele nacht bezig geweest om ouderen, zieken en gehandicapten naar veiliger oorden te brengen. Ze zijn opgevangen in het deel van Maassluis dat niet te maken kreeg met overstromingen.

Dordrecht

Ook de binnenstad van Dordrecht is niet aan de vloed ontkomen. Op meerdere plekken zijn grote gaten in de dijken geslagen. Van de Krispijntunnel is alleen nog een klein stukje van het plafond zichtbaar, de rest van de weg zit verborgen onder het water.

Het water komt door een gat aan de ’s-Gravendeelsedijk het Eiland van Dordrecht binnen. Ook is er een gat in de Noordendijk. In het centrum staan bijna alle straten onder water. Het gaat om een laag van enkele tientallen centimeters.

Op het Bagijnhof werd gezien dat paspoppen van kledingwinkel C&A door de straten heen dreven. Aan de rivierkant dreven de stukken hout, afkomstig van de houtfabriek Van Drimmelen in Zwijndrecht.

De Rijksweg richting Brabant (Moerdijk) stond geheel onder water.  Premier Drees brengt vandaag een bezoek aan Dordrecht. De stad gaat waarschijnlijk een belangrijke rol spelen bij de verdeling van de hulpgoederen de komende dagen, is de verwachting.

Hoeksche Waard

Vooral de zuidkant van de Hoeksche Waard is zwaar getroffen. In ’s-Gravendeel, Strijen en Numansdorp zijn meerdere mensen verdronken. Hoeveel het er zijn is nog niet duidelijk, maar het dodental kan mogelijk boven de honderd uitkomen.

In andere delen van de polder hebben honderden vrijwilligers meegeholpen om de dijken te versterken. In plaatsen als Goudswaard, Nieuw-Beijerland en Oud-Beijerland is dat gelukt.

Bij Numansdorp is dat niet gelukt. De Schuringsedijk kent twee gaten waarvan er één 150 meter breed is. Een amfibievoertuig van het leger heeft geholpen bij het redden van mensen in het dorp en de polder. De voertuigen varen nog steeds af en aan om mensen naar het droge te helpen.

In Strijen zijn slechts vijftig huizen niet getroffen door de overstroming. Een deel van de bevolking is inmiddels overgebracht naar Oud-Beijerland.

Goeree Overflakkee

Vanaf Goeree-Overflakkee is nog maar weinig informatie, omdat het eiland nauwelijks te bereiken is. Voor zover bekend staan vrijwel alle polders onder water.

Bij Middelharnis zijn vijf mensen omgekomen. Twee slachtoffers zijn op het woonwagenkamp verrast door het opkomende water. Vanuit de omliggende dorpen zijn veel mensen naar Middelharnis gevlucht.

Van de andere plaatsen op het eiland is helemaal nog geen informatie bekend, wat geen goed teken is.

Dit artikel gaat verder onder deze advertentie



Krimpenerwaard

In de Krimpenerwaard is bij Ouderkerk aan den IJssel een dijk gebroken. Een huis aan de dijk is ingestort door het geweld van het water. De twee bewoners zijn omgekomen.

Het gat in de dijk is inmiddels gedicht. Urenlang stortte het water zich door het gat in de dijk de Krimpenerwaard in. Het gat kon gedicht worden, door een schip in het gat te varen. Een groot deel van de bevolking helpt om te voorkomen dat het water nog verder de polder in stroomt.

In de rest van de polder is een enorme exodus op gang gekomen. Veewagens rijden af en aan om het vee naar een veilig gebied te brengen. Veel varkens, koeien en schapen worden naar Gouda gebracht.

Koningin Juliana is zelf poolshoogte komen nemen. Ze bezocht eerst Ouderkerk en reed vervolgens, samen met prinses Beatrix, naar Lekkerkerk, Krimpen aan den IJssel en Krimpen aan den Lek. De koningin wilde nog doorrijden naar Zeeland, maar de wegen lieten dat niet toe.

Gouda

De stad Gouda is ternauwernood aan de overstromingen ontsnapt. De in de haast geslagen damwand houden het water tegen. Alleen bewoners van de laagst gelegen delen van de stad zijn geëvacueerd.

Om paniek in de stad te voorkomen heeft wethouder Polet besloten om de noodklokken niet te luiden. Niet dat veel mensen geslapen hebben. Ook in Gouda hebben talloze vrijwilligers meegeholpen met het aanleggen van tijdelijke dijken, gemaakt van zandzakken.

Rotterdam

Ook in Rotterdam stroomden de gebruikelijke stukken van de stad over. Het Noordereiland stond vrijwel geheel blank. Ook bij de Oostzeedijk dreigde het water over de dijken te komen. Tal van kelders stroomden vol.

De meeste waterschade was in Rotterdam-Zuid. Bloemhof stond blank, net als de Oranjeboomstraat. De politiepost op Katendrecht raakte zwaar beschadigd door de storm.

Vanwege de problemen met de stroomvoorziening krijgen mensen in Rotterdam, Vlaardingen, Scheidam en de dorpen ten noorden van Rotterdam het advies om minder stroom te gebruiken.

Hulp

Tienduizenden mensen zijn alles kwijt. Ze zijn nog in leven , maar ze hebben geen dak meer boven hun hoofd. Hun enige bezittingen zijn de kleren die ze op het moment van de ramp  dragen en de spullen die ze hebben kunnen redden van het opkomende water. Er is enorm veel hulp nodig.

Het Nationale Rampenfonds in Den Haag is een inzamelingsactie gestart. “Nood is neergedaald over ons vaderland.  Werk van eeuwen is in luttele momenten ongedaan gemaakt”, zo staat te lezen in een oproep.

Ook de vakbondsdemonstratie vandaag in Den Haag stond grotendeels in het teken van de watersnoodramp die zich tientallen kilometers verderop zich afspeelde. De duizenden deelnemers eisten ‘werk voor allen’, zoals op de spandoeken was te lezen. Nog voordat de demonstratie begon, gingen de eerste werklozen al in bussen richting het rampgebied, omdat daar op dat moment werk genoeg voorhanden was. Dat het mogelijk onbetaald was, maakte voor hen niets uit.

Ze waren niet de enige. Gevraagd en ongevraagd kwamen tal van hulpverleners naar het getroffen gebied om te helpen. Er kwamen brandweermensen uit Haarlem, Bloemendaal, Hilversum en Apeldoorn. Hun hulp was hard nodig, omdat de meeste brandweermensen uit het getroffen gebied al urenlang in touw waren.

Ook op lokaal vlak zijn er veel acties gestart. Zo begon de gemeente Delft een grote inzamelingsactie, waarbij de hele burgerbevolking werd ingeschakeld. Iedereen is opgeroepen om alle kleding die gemist kan worden in te leveren bij de gemeente die alle huizen langsgaat. Tijd om te wassen en repareren is er niet, dus alleen meteen draagbare kleding wordt aangenomen.

Opvang

Op tal van plekken in de regio zijn opvangplaatsen geregeld. In Rotterdam worden mensen opgevangen bij het Feyenoord-stadion. Ook bij de Ahoy-hallen worden mensen opgevangen.

Bij Ahoy is het heel de dag druk. Auto’s rijden af en aan. Ook worden mensen gebracht met vrachtwagens en bussen.

De slachtoffers hebben vaak alleen wat kleding of dekens bij zich. Praten doen ze nauwelijks, omdat ze domweg te moe zijn. Voor veel kinderen is het ook de eerste keer dat ze in de grote stad zijn. In de hal kunnen mensen zich laten registreren. Daarna staat er eten klaar.

Veel Rotterdammers komen ook kijken en helpen.

“De steun van de Rotterdamse bevolking is boven alle lof. Een moeder van zes kinderen nam vijf kleine evacueetjes mee naar huis. Binnen een half uur was ze in de Ahoy’-hal terug met een koffer vol kleren!” (Vrije Volk, 02-02-1953)

Schade

Een beeld van de schade is nog nauwelijks te geven. Volgens het ministerie van Verkeer en Waterstaat loopt de schade in de tientallen miljoenen, maar die kan nog veel hoger zijn.

Het spoor is voor een groot deel verwoest. Bij Dordrecht zijn de rails tot aan de Zwijndrechtse brug vrijwel geheel weggespoeld. Ook bij Moerdijk is de schade groot. Alleen tussen Rotterdam en Den Haag rijden nog treinen. Op veel plekken is er ook geen vervangend vervoer, omdat de bussen zijn gevorderd voor de hulpverlening.

De meeste trams rijden niet. De RTM is volledig uitgeschakeld, met uitzondering van de lijn naar Oostvoorne. De RET rijdt alleen met bussen naar Rotterdam-Zuid.

Volgens het ministerie van Verkeer en Waterstaat zal het nog maanden duren voordat de ergste schade is verholpen. Hoeveel de overheid zal bijdragen aan het herstellen van de schade is nog niet duidelijk.


Hoe ging het verder?

Zonder twijfel is de watersnoodramp van 1953 de grootste natuurramp die Nederland getroffen heeft na de Tweede Wereldoorlog.

In totaal komen 1836 mensen in Nederland om het leven. Zo’n 100.000 mensen verloren hun huis. Tienduizenden dieren verdronken.

Van de slachtoffers kwamen er 677 uit Zuid-Holland (de meeste slachtoffers waren in Zeeland). Oude-Tonge werd in Zuid-Holland het zwaarst getroffen met 305 slachtoffers.

Steden als Rotterdam en Dordrecht werden knooppunten voor de verdeling van hulp in het gebied. Al binnen een paar dagen werden zelfs evacuées uit Zierikzee per schip overgebracht naar Dordrecht.

De watersnoodramp wordt altijd aangestipt als hét begin van de Deltawerken, maar dat is niet helemaal waar. Al aan het begin van de twintigste eeuw werd nadrukkelijk naar het gevaar van het hoge water gekeken. De Afsluitdijk (1932) is daar een goed voorbeeld van. De Watersnoodramp was wel een duidelijk teken dat er meer haast gemaakt moest worden. In 1958 werd het eerste onderdeel van de Deltawerken voltooid; de Stormvloedkering Hollandse IJssel.

Aantal slachtoffers per plaats/dorp:

Oude Tonge – 305

Nieuwe Tonge – 86

Stellendam – 62

Numansdorp – 56

Strijen – 41

’s Gravendeel – 36

Zuidland – 21

Middelharnis – 18

Den Bommel – 9

Poortugaal – 6

Goedereede – 6

Hellevoetsluis – 5

Krimpen aan den IJssel – 4

Rhoon – 3

Ouderkerk aan den IJssel – 2

Papendrecht – 2

Ooltgensplaat – 2

Dordrecht – 2

Heinenoord – 2

Sliedrecht – 1

Rotterdam – 1

Ouddorp – 1

Abbenbroek – 1

Groot-Ammers – 1

Maassluis – 1

Molenaarsgraaf – 1

Bronnen:

Dordrecht.net – Journalist Barend Mensen had in 1953 vanuit Dordrecht de wereldprimeur van de watersnood.

Schade in de Hoeksche Waard, Piershil.com

De Ramp

Het Vrije Volk : democratisch-socialistisch dagblad“. Rotterdam, 02-02-1953

De Telegraaf“. Amsterdam, 02-02-1953

Tekst: Dave Datema

Gepubliceerd op: 01-10-2017

Verhaalnummer: 35


DORDRECHT – Door een overstroming van ongekende omvang staat een groot deel van de graafschappen Holland en Zeeland onder water. Vooral de omgeving van Dordrecht is zwaar getroffen. Duizenden mensen zouden verdronken zijn.

De overstroming is veroorzaakt door een zware noordwesterstorm. Daarnaast stond het water al heel hoog in de rivieren door de vele regenval van de afgelopen tijd. Die combinatie was teveel voor de zeedijk bij de dorpen Broek en Wieldrecht. Het zoute zeewater stroomde het gebied binnen.

Toen bij Werkendam het water aan beide kanten van de dijk stond, begaf ook die dijk het. Zodoende is al het water van de Merwede, bij Werkendam, naar het laagste punt gestroomd: de Groote Waard.

Rampgebied

Vrijwel de hele Groote Waard staat onder water. Dat komt neer op een gebied van 42.000 hectare, ongeveer 400 vierkante kilometer. In het gebied liggen zo’n 72 dorpen en gehuchten,. De meeste staan onder water, ook al is dat op sommige plaatsen maar een kleine laag.

Maar bij andere dorpen, steekt alleen de kerktoren nog boven het water uit. De stroming van het water heeft de houten huizen weggespoeld. De verwachting is dat hier de meeste slachtoffers zijn gevallen.

De Groote Waard, ooit een belangrijk agrarisch gebied, oogt als een binnenzee. Onder de getroffen dorpen zijn plaatsjes als Houwingen, Sliedrecht, Tolloijsen, Almsvoet, Twintighoeven en Dubbelmonde.

Dorpelingen die op tijd weg konden komen zijn opgevangen in Dordrecht. Met alle bezittingen die ze hebben kunnen meenemen, komen ze bij de stadspoorten aan. Daar worden ze onder meer in het Onze Lieve Vrouwenhuis opgevangen en bij het klooster Sacramentshuis aan de Visstraat.

(Dit artikel gaat verder onder deze advertentie)



Vaker getroffen

Het is niet de eerste vloed die de Groote Waard treft. Al in de twaalfde eeuw was er een dijkdoorbraak. Ook in de jaren ’70 van de vorige eeuw zijn meerdere rivierdijken bezweken onder de druk van het water.

De grootste en bekendste doorbraak was in 1404, toen ook op de naamdag van Sint Elisabeth in november. Daarom wordt door sommigen deze nieuwe overstroming ook wel de Tweede Elisabethsvloed genoemd.

Oorzaak

De vraag blijft hoe het heeft kunnen gebeuren dat er zoveel dijken zijn doorgebroken. Mogelijk heeft dat te maken met de verwaarlozing van het dijkonderhoud. De afgelopen decennia ging er veel geld naar de bekostiging van de machtsstrijd in Holland tussen de Hoeken en Kabeljauwen.

De strijd was vooral hevig geweest in de Groote Waard, waar Dordrecht drie jaar lang is belegerd door de Hoeken. Vorig jaar gebeurde dat met Geertruidenberg, toen door de Kabeljauwen.  Door de overstroming zijn beide partijen nu wel van elkaar gescheiden.

Een andere oorzaak is de turfwinning in het gebied. Turfstekers uit Dordrecht graven het veen op, tot net onder de dijken. Dat verzwakt de kracht van de dijken. Het steken van turf in de buurt van dijken is verboden, maar het gebeurt toch.

Gevolgen

De gevolgen voor het gebied zijn enorm. Niet alleen omdat mensen en dieren hun leven zijn verloren, de Groote Waard is ook de graanschuur van Holland. Doordat het zoute water de polder in kan binnenstromen, is de grond voorlopig voor akkerbouw niet geschikt.

Ook wordt het een hele klus om alle dijken te repareren en in de toekomst een overstroming van dit kaliber te voorkomen. Het water stroomt nog steeds dwars door de polder. De verwachting is dat de herstelwerkzaamheden zo snel mogelijk beginnen, als het water weer is weggetrokken.

Voor de rol van Dordrecht als handelsstad zijn de gevolgen nog niet te overzien. De stad heeft stapelrecht en handelaren zijn verplicht hun spullen eerst uit te laden in Dordrecht. Die handelspositie zorgt ervoor dat Dordt een van de belangrijkste steden van Holland is.

Mocht de overstroming ervoor zorgen dat de loop van de waterwegen wordt verlegd, dan zou die belangrijke positie wel eens onder druk kunnen komen te staan.


Hoe ging het verder?

Drie jaar later was het weer raak. In de nacht van 18 op 19 november 1424 was er weer een overstroming, de derde Sint Elisabethsvloed. De reparaties aan de dijken was grotendeels voor niets geweest. Daarna werden geen pogingen meer gedaan om de Grote Waard te herstellen. Dat was ook een van de oorzaken van het ontstaan van de Biesbosch.

Maar ook in de periode 1422-1424 braken de dijken meerdere keren door en stroomde er vooral rivierwater de waard in. Het gebied werd daardoor een getijdengebied: het Bergsche Veld.

Wat er nog van de dorpen over was werd gesloopt. Zo werden stenen uit kerken gehaald, om op andere plekken opnieuw als bouwmateriaal te gebruiken.

Door de overstromingen zag het gebied eruit als een lappendeken van eilanden die bij hoog wat onder water liepen. Handelaren wisten al snel een manier te vinden om Dordrecht te mijden, wat een hoop geld scheelde.

Tel daar nog eens de grote stadsbrand van 1457 bij op en de economische rol van Dordrecht was uitgespeeld. De stad werd voorbijgestreefd door steden als Amsterdam en later ook Rotterdam.

Toch bleef politiek gezien Dordrecht nog een tijd meespelen, omdat het de staties behield van ‘oudste stad van Holland’. Zodoende vond in 1572 de Eerste Vrije Statenvergadering in Dordrecht plaats.

Pas in de zeventiende eeuw begonnen de Dordtenaren weer met het inpolderen van het gebied om de stad. In 1603 ontstond ‘Het Oude land van Dubbeldam’. Daarna ging het hard en werd de ene na de andere polder aangelegd. Dorpen kwamen niet terug, wel buitenplaatsen als Crabbehof, Amstelwijck en Middenhoeve.

In de Dagvantoen-podcast werd eerder ook al aandacht besteedt aan de Elisabethsvloed. Conservator Marianne Eekhout van het Dordrechts Museum legt uit wie Sint Elisabeth eigenlijk was.

Slachtoffers

Over het aantal slachtoffers is door historici jarenlang gesteggeld. Er zijn aantallen tot 100.000 genoemd, maar zoveel mensen woonden er helemaal niet in het gebied (circa 8.000 tot 20.000). Bovendien zijn ook veel mensen ongedeerd gebleven.

Volgens de Tielse Kroniek (geschreven rond 1450) zijn er waarschijnlijk rond de 2.000 mensen overleden en dat getal wordt door veel historici aangenomen als een redelijke schatting.

Locaties en veranderingen

Als je de kaarten van toen en nu bekijkt, zijn er wel meer dingen veranderd. Zo lag het plaatsje Slydregt nog aan de zuidzijde van de Merwede, terwijl het nu aan de noordelijke kant ligt.

Er was wel een gehucht aan de noordzijde met de naam Over-Slydregt. Na de Sint Elisabethsvloed en de verwoesting van Slydregt, ging het plaatsje aan de overkant onder de naam Slydregt verder.

Het dorp Dubbeldam was er ook al voor de Sint Elisabethsvloed, maar dan op een andere plaats. Archeologen zijn niet helemaal zeker van de precieze locatie, maar waarschijnlijk heeft Dubbeldam ergens in de huidige wijk Krispijn gelegen. Tegenwoordig ligt de plek veel verder naar het oosten.

Een paar dorpen als Erkentrudenkerke en Wolkbrandskerke zijn weer teruggevonden.

Bronnen:

Archeologie Dordrecht – Sint Elisabethsvloed

Natuurinformatie – Sint Elisabethsvloed

Brabant Historisch Informatie Centrum – De Sint Elisabethsvloed

Is Geschiedenis – De Sint Elisabethsvloed van 1421

Tekst: Dave Datema

Gepubliceerd op: 01 oktober 2017

Verhaalnummer: 36