Dordrecht – In Dordrecht begint vandaag de Eerste Vrije Statenvergadering. Twaalf steden spreken zich uit of ze Willem van Oranje financieel willen steunen in zijn strijd tegen de Hertog van Alva, een generaal die door koning Filips II naar de Nederlanden was gestuurd om een einde te maken aan de opstand tegen hem.

Op de bijeenkomst zijn afgezanten aanwezig uit Gorinchem, Gouda, Leiden, Oudewater, Dordrecht, Alkmaar, Edam, Enkhuizen, Haarlem, Hoorn, Medemblik en Monnickendam. Namens de watergeuzen is Willem van der Marck-Lumey aanwezig. De gesprekken staan onder leiding van Filips van Marnix van Sint-Aldegonde, een van de raadgevers van Willem van Oranje.

De bijeenkomst is bijzonder, omdat alleen koning Filips II of zijn stadhouder een Statenvergadering kan samenroepen. Willem van Oranje is al vijf jaar geen stadhouder meer, sinds zijn vlucht naar Duitsland.

Van Oranje had aanvankelijk aan Gouda gevraagd om de bijeenkomst te organiseren, maar die stad vond dat Dordrecht daar meer recht op had, omdat Dordrecht de oudste stad van het graafschap Holland is.

Opmars

De opstand tegen de Habsburg-Spaanse overheersing begon vier jaar geleden, maar kende twee maanden geleden een enorme opmars, door overwinningen van de watergeuzen. Op 1 april werd Brielle veroverd op de Spanjaarden. Kort daarna volgden Vlissingen, Enkhuizen en Dordrecht.

Een van de voorstellen die tijdens de Statenvergadering in Dordrecht op tafel zal liggen is of de steden Van Oranje opnieuw accepteren als stadhouder.

De opstandelingenleider biedt in ruil voor financiële steun bescherming aan tegen de Spanjaarden. Na de inname van Brielle probeert Van Oranje via het oosten een deel van de Nederlanden binnen te trekken. Zijn leger is nu bezig met de belegering van Roermond.

Geuzen

Verder wordt in Dordrecht ook de rol van de watergeuzen besproken. De geuzen hebben grote overwinningen behaald, maar kampen ook met een negatief imago.

De mannen plunderen al sinds 1566 koningsgezinde steden en schepen. Willem van Oranje wist ze aan zijn kant te krijgen, door ze kaperbrieven te geven. Formeel is dat een toestemming om tegenstanders van de opstand aan te vallen. Zo werden vorig jaar Monnickendam en Schellingwoude geplunderd.

In Brielle werden twee weken geleden negentien geestelijken uit Gorinchem opgehangen. Dat kwam de geuzenleider Van der Marck-Lumey op veel kritiek te staan. Hij was er zelf bij, toen de mannen werden opgehangen.

Om dit soort misstanden verder te voorkomen heeft Willem van Oranje voorgesteld om vorm van een godsdienstvrijheid op papier te zetten. Het is nog maar de vraag of de watergeuzen zich daaraan gaan houden.

Of het ombrengen van de geestelijken ook voor Van der Marck-Lumey persoonlijk gevolgen heeft is niet duidelijk. Ondanks zijn wreedheden is hij erg succesvol en wordt hij door velen gezien als hét gezicht van de opstand.


Hoe ging het verder?

In het Augustijnenklooster worden de voorstellen van Willem van Oranje over financiële steun en de rol van de watergeuzen aangenomen. Willem van Oranje wordt de Stadhouder. Lumey wordt de ‘overste’ van Holland, een functie op het land dus, zodat hij beter gecontroleerd kon worden.

Lumey doet een belofte dat hij zich zal houden aan de instructies van Willem van Oranje, maar een paar maanden later gaat het mis. Hij laat Musius van Delft, een goede vriend van Willem van Oranje, om het leven brengen. Twee jaar later wordt hij afgezet.

De steden blijven Filips II wel zien als hun rechtmatige vorst. Pas in 1581 wordt echt gesproken over onafhankelijkheid in de Plakkaat van Verlatinghe.

Veel van de besluiten worden er overigens niet op de Eerste Vrije Statenvergadering in Dordrecht genomen. Na vier dagen wordt het hele gebeuren in Dordrecht opgedoekt. Een paar dagen later gaan de heren verder in Rotterdam, om vervolgens in Delft te eindigen.

Drie jaar later (1575) wordt wél de Unie van Dordrecht ondertekend. Daarin wordt Willem van Oranje officieel aangesteld als stadhouder. Ook wordt in en verbond de samenwerking tussen de Hollandse (en Zeeuwse) steden vastgelegd.

Door veel mensen wordt de Unie van Dordrecht gezien als het begin van de Verenigde Nederlanden. Een belangrijke eerste stap daar naartoe wordt dus al gezet tijdens de Eerste Statenvergadering.

Belang voor Nederland

Historici zijn het onderling ‘niet helemaal over eens’ over het belang van de Eerste Vrije Statenvergadering in Dordrecht in de Nederlandse geschiedenis. Volgens sommigen wordt de rol van deze bijeenkomst zelfs schromelijk overdreven.

In 2015 opende Koning Willem-Alexander het Hof van Nederland, waarmee de positie van deze vergadering nog even een extra lading kreeg.

Zelfs over de locatie is onenigheid. Vaak wordt het Augustijnenklooster genoemd als de locatie van de vergadering, maar anderen wijzen erop dat de Berckepoort de locatie geweest moet zijn. Het leegstaande Augustijnenklooster werd gebruikt om de hofhouding in op te vangen.

Bronnen:

Geschiedenis van Zuid-Holland: Eerste Vrije Statenvergadering

Wikipedia: Eerste Vrije Statenvergadering

Wikipedia: Unie van Dordrecht

Marcel Tettero: Unie van Dordrecht

Dordrecht Monumenteel – Nummer 60 – Herman van Duinen (blz. 20)

 

Tekst: Dave Datema

Gepubliceerd op: 01 oktober 2017

Verhaalnummer: 51

 

Laat een antwoord achter

Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.