SLIEDRECHT – Wie denkt dat heksengeloof vooral iets is van de middeleeuwen, heeft het mis. Justitie is een onderzoek begonnen naar de familie V. uit het Sliedrechtse buurtschap Baanhoek die een buurvrouw van hekserij beschuldigt en haar heeft gedreigd te wurgen. Aanstichter is een Gorcumse duivelbanner. Of zijn het bakerpraatjes?

Mevrouw K. kwam vorige week nietsvermoedend binnen bij haar buren en trof de hele familie V. aan tafel. Iedereen keek haar strak aan. “Ze hadden al dikwijls raar gedaan”, zegt ze terugkijkend. “En altijd hadden ze het over toverij gehad. Maar zo vreemd als die ochtend heb ik ze nog nooit gezien.” En om maar wat te zeggen, vroeg ze langs haar neus weg: “Is er iemand jarig?”

Opa V. wees daarop met een priemende vinger naar K. en zei dat ze een heks was en dat zij zijn kleindochter Gezina dik had gemaakt. “We weten dat jij met je geest in huis komt. Dat meisje heb je in je macht. En de bomen in het land staan te verdorren. Dat meisje, dat zo zwaar wordt, heb jij zo gemaakt. En nou eisen wij dat je er een eind aan maakt!”

Mevrouw K. hapt nog naar adem als ze het verteld. Natuurlijk had ze ook wel gezien dat Gezina de laatste tijd flink dikker was geworden. Maar nog voor ze op de beschuldiging kon reageren, dwong de familie V. haar om een raar drankje te drinken en daarna Gezina te zegenen.

Wurgen

“Ik raakte helemaal overstuur en wilde naar huis, omdat het de tijd was dat mijn zoon zou komen eten.” Maar K. mocht niet weg voor ze Gezina had gezegend. K. weigerde. Daarna bood de gegoede familie haar eerst het enorme bedrag van honderd gulden en toen ze zei dat ze geen geld wilde, dreigde ze haar te wurgen.

Gelukkig voor K. kwam haar zoon thuis en toen hij erachter kwam dat ze door de buren werd vastgehouden trapte hij tegen de deur en ontzette zijn moeder. Eenmaal thuis voelde ze zich raar door het drankje en had ze blauwe lippen. Na vier dagen stapte ze naar de politie.

Wonderdokter

Navraag leert dat het gezin V. medisch was gaan shoppen nadat de huisarts geen verklaring had voor de plotselinge zwaarlijvigheid van Gezina. Het meisje was moe, lag veel op bed en was, ‘zwak van hoofd.’ Een achterbuurvrouw, een baker, raadde aan om wonderdokter Lambertus (Ber) Lelie uit Gorinchem te raadplegen.

Lambertus Lelie, 1866

Lelie is een zadelmaker annex wonderdokter die mensen in de wijde omtrek zou hebben genezen, van de Hoeksche Waard tot aan de Betuwe en van het noordelijkste deel van Brabant tot aan het zuiden van Utrecht. En dus waren moeder en dochter naar de Haarstraat gegaan, waar Lelie een werkplaats heeft.

Moeder hoefde niet veel uit te leggen. Lelie wist meteen dat Gezina was behekst door een toverkol. Hij vroeg of de bomen in de buurt verdord waren. Dat bleek zo te zijn. “Dan moet u de tovernaarster zoeken in uw naaste omgeving!”, bezwoer Lelie.

“Ga naar huis en de vrouw die het eerst naar de welstand van je dochter vraag, heeft in haar binnenste de kwade geest waarmee het ongelukkige kind behekst is!”

(Ber Lelie)

Tot slot gaf de zadelmaker moeder en dochter nog een wonderdrankje mee dat ze de toverkol moesten laten opdrinken waarna zij de dochter zou moeten zegenen “zodat de betovering ophoudt en ze weer gezond en vrolijk wordt.”

Sleutelproef

Helaas voor mevrouw K. was zij de eerste die daarna bij de familie V. informeerde hoe het met Gezina ging. Daarop overlegden moeder en dochter met de achterbuurvrouw M. en opa V., de vader van mevrouw V. Ze zochten een extra bevestiging en pakten de familiebijbel, deden er een lange sleutel in, waarop een van hen een vinger door het oog van de sleutel stak en de naam van de verdachte uitsprak. Prompt bewoog de Bijbel.

Sleutelproef

Voor de familie was het bewijs nu geleverd. Enkele dagen later lokte mevrouw V. de buurvrouw met een smoes naar binnen: “Ach, vrouw K. , kom eens gauw even kijken!”, waarop de nieuwsgierig geworden K. in de val liep. Ze mag haar zoon dankbaar zijn dat er bij de daaropvolgende exorcismepoging in Baanhoek geen gewonden zijn gevallen.

Het is nog niet duidelijk wanneer de politie het onderzoek naar het voorval heeft afgerond. K. overweegt om de uitkomst ervan niet af te wachten en te vertrekken. Ook de familie V. heeft zich in Baanhoek onmogelijk gemaakt en maakt zich op voor een verhuizing.


Hoe het verder is gegaan

De uitkomst van het politieonderzoek naar de familie V. is onbekend (de kranten die het voorval in Baanhoek hebben geschreven, zwijgen over de strafrechtelijke afloop).

Op 11 juli 1926 blijken zowel het gezin als de buurvrouw naar elders te zijn vertrokken.

Gezina was niet behekst, maar gewoon zwanger, zo ontdekte verhalenverzamelaar Henk Kooijman.

Het verhaal is het laatst bekende verhaal in Nederland waarin een sleutelproef is gebruikt om een heks te ontmaskeren.

Ber Lelie

Ber Lelie (1866) kwam uit een familie van zadelmakers en waarzeggers uit Wallonië (de familie heette oorspronkelijk Lille). Door hun beroep van zadelmaker kwamen de Lelies veel bij de boeren thuis. Hun klantenkring als duivelbanner bevond zich dan ook vooral op het platteland van de Krimpener- en de Alblasserwaard en het Land van Heusden en Altena. Ber is de laatste telg van het geslacht Lelie die zich met waarzeggerij en duivelbannerij heeft bezig gehouden.

Lelie vroeg maar liefst 10 gulden per consult. Inbegrepen was een ‘wonderdrank’ die smaakte naar bessensap. Volgens sommigen bestond de drank ook wel uit gedroogde kersenstelen met brandewijn.

Aanstichter was een bejaarde baker, mevrouw M. Zij had een kleindochter die ook behekst zou zijn geweest en was toen, in haar zoektocht naar hulp, uitgekomen bij Ber Lelie. Die adviseerde haar: “Neem een kip met zwarte veren en duw die levend in een pot kokend water.”

Vermoedelijk moest M. toen ook alle gaten in huis afdichten, van de schoorsteen tot de sleutelgaten. Deze zogeheten henproef was bedoeld om de heks te identficeren. Het heksengeloof veronderstelde dat de heks een ‘dubbel’ hadden, een soort onzichtbaar tweede lichaam dat ’s nachts door sleutelgaten kon kruipen.

Zwarte kippen zouden verbonden zijn met de heks. Door de kip te grazen te nemen zou de heks worden gelokt. En omdat ze niet onzichtbaar via de gaten en kieren in huis kon langskomen, zou ze wel hoogstpersoonlijk moeten verschijnen.

Bronnen:

Telegraaf – 06-07-1926, 07-07-1926, 08-07-1926, 11-07-1926

Henk Kooijman, Volksverhalen uit het grensgebied van Zuid-Holland, Utrecht, Gelderland en Noord-Brabant (Amsterdam 1988) nr. 333

Willem de Blécourt, Witchcraft and Magic in Europe. The twentieth century (Londen 1999), p. 162-165

Auteur: Aries P.B. van Meeteren

Gepubliceerd: 21-01-2019

Verhaalnummer:  82

Laat een antwoord achter

Je e-mail adres wordt niet gepubliceerd.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.